De weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve weerstandsvermogen en de algemene vrije reserve. In het verleden namen we ook de stelpost onvoorzien in de begroting hierin mee. Gezien de beperkte omvang (€ 20.000) laten we deze nu uit de berekening. Ook zijn de stille reserves, op advies van de toezichthouder, uit de berekening van de weerstandscapaciteit gehaald. Vanwege de beperkte courantheid van pachtgronden en gronden onder garageboxen welke in het bezit zijn van de gemeente is het niet aannemelijk dat deze gronden op hele korte termijn omgezet kunnen worden in financiële reserves.
Omvang weerstandscapaciteit
De weerstandscapaciteit is het vermogen dat ingezet kan worden om eenmalige tegenvallers op te vangen en bestaan uit de algemene reserves. De algemene reserves bestaan uit de Algemene reserve weerstandsvermogen (ARW) en de Algemene vrije reserve (AVR). De Algemene reserve bouwgrondexploitatie (ARB) nemen we niet mee. Hoewel op basis van de notitie van het Bestuurlijk Overleg Financiële Verhoudingen (BoFV) de mogelijkheid bestaat een deel van de Algemene vrije reserve in te zetten als structureel dekkingsmiddel blijft het in zijn aard vanzelfsprekend een incidenteel deel van de weerstandscapaciteit.
Berekening incidentele weerstandscapaciteit (bedragen x € 1) | ||
|---|---|---|
Omschrijving | Stand 31-12-2024 | Stand 31-12-2025 |
Algemene reserve weerstandsvermogen 1 | € 8.000.000 | € 8.000.000 |
Algemene vrije reserve | € 9.678.435 | € 11.616.712 |
Totaal | € 17.678.435 | € 19.616.712 |
1) In de nota reserves en voorzieningen is vastgelegd dat de omvang van de algemene reserve weerstandsvermogen wordt bepaald op basis van 10% van de begrote lasten (ex. mutatie reserves), waarbij afgerond wordt op miljoenen. De totale begrote lasten (na wijziging) komen in 2025 uit op € 73 miljoen. Dit maakt dat de omvang van deze reserve per 31-12-2025 toereikend is.
